Actuele ontwikkelingen

Ons landschap is continu in verandering. Welke factoren zijn bepalend voor het landschap van de toekomst?

Hoewel het mogelijk is om elementen en patronen in het landschap cultuurhistorisch te beheren en behouden, is het niet mogelijk – of wenselijk – om een landschap als geheel in de tijd te bevriezen. In plaats daarvan moeten veranderingen liefdevol worden begeleid; met integrale kennis en aandacht voor cultuurhistorische waarden. Over hoe het landschap er in de toekomst uitziet, kunnen we alleen speculeren. Er zijn wel een aantal actuele ontwikkelingen te noemen die de komende decennia grote impact hebben op onze leefomgeving, en dus ons landschap.

Landbouw

Landbouw is verreweg de grootste landschapsvormende kracht in ons land. In de 20e eeuw is het landschap voor een groot deel opnieuw ingericht. Deze grootschalige herinrichting door inpoldering en ruilverkaveling speelde zich voornamelijk af in landbouwgebieden. Hiermee zijn een groot aantal oude landschappen vernietigd, waar weer nieuwe cultuurlandschappen voor in de plaats zijn gekomen. Ook nu staan de ontwikkelingen in de landbouw niet stil. Zo leidt de afschaffing van de melkquota tot de bouw van een groot aantal nieuwe stallen. Door de invloed van Europese regelgeving treedt de komende jaren een schaalvergroting op en zal het aantal agrarische bedrijven fors afnemen.

Water en veiligheidWaterberging bij Willige Langerak

Nederland ligt voor de helft onder het NAP. Om ervoor te zorgen dat we de voeten droog houden, zijn er tal van maatregelen nodig. Denk aan de versterking van de Nederlandse kust en dijken en meer ruimte voor rivieren. Een opgave waar de komende jaren veel aandacht voor is, is die van waterbergingsgebieden. Door de klimaatverandering krijgen we te maken met grote verschillen: van extreme droogte tot zware regenval. Hierdoor neemt het risico op overstromingen toe. Veel gebieden worden dan ook ingericht als waterberging om het overtollige water op te kunnen slaan. Hier liggen kansen om oude boezemsystemen een nieuwe functie te geven.

Beeld: waterberging bij Willige Langerak. De oorspronkelijke dijk is verlaagd en gedeeltelijk doorgraven. Hierdoor kan de voormalige uiterwaard onder water lopen.

Energietransitie

De energieopgave van de komende jaren heeft grote impact op het landschap. Dit is geen nieuw fenomeen. Een groot deel van het Nederlandse landschap is bijvoorbeeld gevormd door het afgraven van veen voor de productie van turf. Met de komst van fossiele brandstoffen aan het begin van de 20e eeuw verdween deze zichtbare energiewinning. Omdat fossiele brandstoffen eindig en zwaar vervuilend zijn, zijn we genoodzaakt om over te stappen op andere energiebronnen zoals wind- en zonne-energie. Windturbines nemen in toenemende mate bezit van het landschap en het einde is nog niet in zicht; om aan de energievraag tegemoet te komen zullen er de komende jaren nog honderden bijkomen. De verwachting is ook dat we zoals in omliggende landen te maken zullen krijgen met zogenaamde zonne-akkers. Hoe kunnen we dit in de toekomst verbinden met bestaande landschapskwaliteiten?

Verstedelijking en krimp

Het aantal inwoners en huishoudens gaat de komende decennia afnemen. Terwijl de randstad onder druk staat, is er elders sprake van krimp. Demografische krimp heeft nu al grote gevolgen voor regio’s aan de grenzen van ons land zoals Limburg, Groningen en Zeeuws-Vlaanderen. Het ligt in de lijn der verwachting dat krimp in de komende jaren ook in andere gebieden hard zal toeslaan. Daar staat tegenover dat er in de steden verdichting plaatsvindt; in 2050 woont 70% van de wereldbevolking in de stad. Uiteindelijk zal de toenemende verstedelijking en sociaaleconomische teruggang in landelijke gebieden ook zijn weerslag hebben op het landschap. Zo ontwikkelt het Groene Hart zich meer als een uitvalsbasis voor recreërende stadsbewoners. In krimpgebieden vindt het omgekeerde plaats. Zullen daar in de toekomst cultuurlandschappen worden ‘teruggegeven’ aan de natuur?

Mondialisering en regionalisering

Met de komst van de Europese Unie treedt zowel mondialisering als regionalisering in. Wanneer landsgrenzen er immers niet meer toe doen, hebben mensen de vrijheid om te gaan wonen in gebieden die voor hen aantrekkelijk zijn. Dit kan vlakbij het werk zijn, maar wanneer het thuiswerken een hoge vlucht neemt, hoeft men zich in de toekomst juist niet meer in de buurt van het werk te vestigen. Deze nieuwe keuzevrijheid heeft invloed op de manier waarop we willen wonen en in welke regio we ons vestigen. Zo krijgt een mooi landschap en een fijne leefomgeving een steeds hogere economische waarde, wat uiteindelijk weer invloed heeft op de manier we met ons (cultuur)landschap omgaan.